|
't Saense Parkethuys legt uit:
Houten vloeren en vocht
Hout en vocht verdragen elkaar niet. Dat is iets waarmee al vóór het leggen van
een houten vloer goed rekening moet worden gehouden. Met de juiste luchtvochtigheid
en goed onderhoud kan zo’n mooie vloer een leven lang mee. Martijn Elzenga, bedrijfsleider
van ’t Saense Parkethuys in Assendelft, legt uit.
Bij een bestaande woning kan water in de kruipruimte staan, omdat in bepaalde gevallen
grondwater omhoog komt. Heeft de woning een houten ondervloer, dan wordt hierop eerst een
laag vochtwerende folie aangebracht. Bij een betonnen ondervloer wordt eerst een tussenvloer
van plaatmateriaal op de vloer verlijmd.
|
Nieuwbouw
Bij nieuwbouwwoningen met een betonnen vloer wordt er met het beton een heleboel water meegestort.
“Dat moet er echt eerst uit voor we gaan leggen”, zegt Martijn Elzenga. “We gaan eerst bij de
klant langs om met een digitale indicatiemeter te meten of de vloer redelijk droog of nat is.
Bij twijfel kunnen we nog een testje doen met een koolstofmeter, maar dat komt bijna nooit voor.
Is de vloer een beetje nat, dan kan een bouwdroger worden ingezet. Of de kachel moet hoger worden
gezet, waarbij de ruimte goed moet worden geventileerd. Is de vloer te nat, dan moet het leggen worden
uitgesteld. Het risico van het gebruik van bouwdrogers is in dat geval dat er te snel teveel vocht
uit de woning wordt getrokken, waardoor er scheuren gaan ontstaan. Het heeft tijd nodig.”"
Luchtvochtigheid
Voor een aantal houten vloeren is een juiste luchtvochtigheid in de woning van groot belang. Het
is noodzakelijk het luchtvochtigheidspercentage regelmatig te controleren met een hygrometer.
Deze moet tussen de vijftig en zestig procent aanwijzen. ’s Zomers is er vaak een hoge luchtvochtigheid
terwijl het ’s winters vaak droger is. Het is dus goed om de luchtvochtigheid in de gaten te houden.
’t Saense Parkethuys verkoopt analoge hygrometers die hiervoor nauwkeurig genoeg zijn. Een analoge
hygrometer kan eenvoudig worden geijkt door deze 24 uur in een natte doek te wikkelen. De uiterste stand
is dan honderd procent.""
Krimpen
Martijn: “Een juist luchtvochtigheidspercentage is voornamelijk van belang bij planken vloeren. Is de
luchtvochtigheid te laag, dan kunnen krimpnaden en scheuren in de planken ontstaan. Dit is tegen te
gaan door waterverdampers aan de radiatoren te hangen. Als dat niet helpt kan een luchtbevochtiger worden
gebruikt. Kamerplanten in huis verdampen ook veel vocht. Een optimale luchtvochtigheid is overigens niet
alleen goed voor de vloer, maar ook voor de meubels en voor jezelf.”""
Uitzetten
Is de lucht te vochtig, dan gaat een plankenvloer uitzetten. “Een zwevend gelegde plankenvloer kan dan
klem komen te zitten tussen de muren en bol gaan staan”, vertelt Martijn. “Daarom geven wij de voorkeur
aan vast leggen. Bij een vast gelegde vloer kunnen alleen opstaande randen ontstaan op de plaatsen waar
de planken elkaar raken. Een te hoge luchtvochtigheid is simpel tegen te gaan door de ramen open te doen
en de verwarming hoger te zetten of een ontvochtiger te plaatsen.”""
Dweilen of niet?
Alle vloerafwerkingen zijn goed ‘klam’ (met een goed uitgeknepen dweil of doek) af te nemen. Maar dat
betekent nog niet dat ze dweilbaar zijn. “Nat dweilen is alleen aan te raden bij vloeren die vast zijn
gelegd of bij vloeren die expliciet voor het zwevend leggen zijn gemaakt, zoals kliklaminaat of lamelvloeren.
Ook de afwerking speelt daarbij een grote rol: plankenvloeren met een olie/wasafwerking zijn bijvoorbeeld
alleen maar klam af te nemen, terwijl geoliede plankenvloeren die met zeep worden onderhouden juist móéten
kunnen worden gedweild. Het is verstandig om in de keuken een vloerafwerking te kiezen die goed is te dweilen.
Daarbij moet er ook rekening mee worden gehouden dat er in de keuken veel op één plek wordt gelopen, wat extra
onderhoud vraagt”, aldus Martijn Elzenga.
|